| |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Harmen 424De nakomelingen van Harmen vormen een uniforme groep, zeer goed ontwikkelde veulens met goed rastype waarbij het hoofd wel eens wat lang is. De veulens zijn iets zwaar gebouwd. De halzen zijn goed geplaatst, verticaal gesteld en lang. Een onderhals komt voor. De hoofd hals -verbinding is licht. De veulens hebben veel front. Een kort voorbeen komt voor. De ruggen zijn iets lang maar de verbinding is voldoende sterk evenals de overgang naar de lendenen. Het kruis is voldoende lang en licht hellend. Het beenwerk is zwaar, maar heeft voldoende kwaliteit. Een steile kootstand komt voor. De stap is voldoende krachtig. De draf is ruim met een goed zweefmoment en met voldoende souplesse. Het achterbeen heeft voldoende buiging in het spronggewricht.
Haitse 425De nakomelingen van Haitse vormen een redelijk uniforme groep, voldoende ontwikkelde veulens met edele hoofden. De halzen missen lengte en komen wat diep uit de borst. De hoofd- hals verbinding is soms ook iets zwaar, maar in beweging dragen ze de hals goed. Een steile schouder komt voor. De veulens hebben een goede bovenlijn. De rug is voldoende sterk met een vloeiende overgang naar lenden en is voldoende bespierd. Het kruis is goed van lengte en voldoende hellend, een rond kruis komt voor. De voorbenen hebben voldoende lengte en soms komt de franse stand voor. Het achterbeen straalt kwaliteit uit, een sabelbenige stand komt voor. De stap is ruim en krachtig met goed spronggebruik. De draf is ruim met zelfhouding en veel schoudervrijheid en een goed en actief ondertredend achterbeen.
Hinne 427De nakomelingen van Hinne vormen een uniforme groep, voldoende ontwikkelde veulens met voldoende rastypisch. Het hoofd is in sommige gevallen iets lang. De hoofdhalsverbinding heeft lengte met voldoende ruimte voor het afbuigen. De hals is soms wat arm bespierd en recht, de schouder is mooi schuin van ligging en goed van lengte. De rug is iets week, arm bespierd en de lendenen zijn soms strak. Het kruis is soms te hellend en mist lengte. Het voorbeen is lang met correcte stand. Het achterbeen is iets recht en lang, een steile kootstand komt voor. Het beenwerk heeft kwaliteit. De stap is voldoende ruim en heeft voldoende kracht . De draf is verheven met veel zweefmoment, met ruimte en schoudervrijheid, waarbij ook het achterbeengebruik actief is en voldoende naar voren wordt geplaatst.
Gjalt 426De nakomelingen van Gjalt vormen een uniforme groep goed ontwikkelde veulens. De veulens zijn voldoende rastypisch en vaak met een mooie, diep zwarte kleur. De hoofden zijn soms wat lang met een iets zware kaak en missen uitdrukking. Hoofdhalsverbinding is voldoende licht en lang. De halsstand is goed en ook de lengte is voldoende, soms iets diep uit de borst. De schouderligging is schuin en de lengte is voldoende. De rug is vaak iets week, mist bespiering en strakke lendenen komen geregeld voor. Het kruis is voldoende van lengte. Het voorbeen is lang. Het beenwerk heeft kwaliteit. Het achterbeen is vaak sabelbenig. De stap is voldoende ruim, maar kan krachtiger. De draf is voldoende ruim, maar kan meer kracht en buiging in het spronggewricht hebben. De veulens missen souplesse.
Tietse 428De nakomelingen van Tietse vormen een uniforme groep veulens met rasuitdrukking en edele hoofden. De veulens zijn matig ontwikkeld. De hoofdhalsverbinding is soms iets zwaar. De hals is mooi van vorm en voldoende lang en verticaal gesteld. De schouder is schuin van ligging met voldoende lengte. De bovenbouw, met name de rug, zou sterker kunnen en ook kan de aansluiting lendenen-kruis sterker. Het kruis is soms te hellend en vaak kort. Het voorbeen mist lengte en de stand is soms iets frans. Het achterbeen is regelmatig sabelbenig en koehakkig. De stap heeft weinig afdruk. De veulens draven met veel zelfhouding, met goed voorbeengebruik en veel schoudervrijheid, maar met name de achterhand mist de kracht. Opgemerkt moet worden dat de veulens van Tietse gemiddeld voortkomen uit relatief minder goed merriemateriaal in vergelijking met de andere hengsten.
Tsjabring 429De nakomelingen van Tsjabring vormen een weinig uniforme groep. De veulens zijn vaak beknopt en missen rastype. Het hoofd is voldoende sprekend. De halzen zijn kort en komen vaak diep uit de borst en zijn vaak horizontaal geplaatst. De schouder is stijl en kort. De bovenlijn, met name de lendenpartij, is strak. Het kruis is kort en rond. Het voorbeen is aan de korte kant en soms in stand iets toontredend. Het achterbeen is iets recht en een steile kootstand komt voor. De stap is kort, met weinig afdruk en weinig buiging in het spronggewricht. In draf vertonen de veulens weinig zelfhouding en voorbeengebruik. Het achterbeen komt daarbij onvoldoende tot draging. De veulens vertonen weinig souplesse.
Rapport opgesteld door: Piet Bergsma, Sjouke de Groot en Louise Hompe | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||